Actueel
Fiscaal
Gepubliceerd op 20 januari 2026

Reken op financiële tips voor werkgevers en werknemers

Regels rondom werk, loon en vergoedingen blijven veranderen. telt® brengt de belangrijkste financiële en fiscale adviezen voor werkgevers en werknemers overzichtelijk in beeld, zodat je weet waar je aan toe bent en tijdig kunt handelen. Praktisch, actueel en toepasbaar in de dagelijkse praktijk. Heb je behoefte aan duidelijkheid of afstemming? Neem de proef op de som met telt®.

Hogere thuiswerkvergoeding

De gerichte vrijstelling voor de thuiswerkvergoeding is verhoogd. Deze onbelaste vergoeding gaat van € 2,40 per dag omhoog naar € 2,45 per dag. Let op: wanneer je werknemer op een dag zowel thuis als op een vaste werkplek werkt, mag je niet én de gerichte vrijstelling voor reiskosten woon-werkverkeer (maximaal € 0,23) én die voor thuiswerkkosten toepassen.

Meer bijtellen voor elektrisch rijden

De bijtelling voor het rijden in een nieuwe elektrische auto van de zaak is verhoogd van 17% naar 18% over de eerste € 30.000 catalogusprijs van de auto en 22% over het meerdere. Volgend jaar gaat de bijtelling naar 20% en in 2028 naar 22% voor alle nieuwe elektrische auto’s van de zaak. Er wordt dan geen onderscheid meer gemaakt tussen elektrische auto’s en auto’s op fossiele brandstof. Eerst zou het lagere bijtellingspercentage over de eerste € 30.000 catalogusprijs al per 1 januari 2026 vervallen. Maar dat is gewijzigd bij de stemming in de Tweede Kamer over het Belastingpakket 2026.

Nog een jaar boetevrij rijden in fossiele auto van de zaak

Een van de maatregelen om het elektrisch rijden te stimuleren betreft de auto van de zaak die de werknemer privé voor meer dan 500 km gebruikt. Stel je als werkgever vanaf 2027 een personenauto op fossiele brandstof (niet volledig emissievrij) ter beschikking aan een werknemer, dan moet je 12% loonbelasting betalen over de catalogusprijs van de ter beschikking gestelde fossiele personenauto. Voor personenauto’s ouder dan 25 jaar wordt uitgegaan van de waarde in het economische verkeer. Nieuw is dat in deze regeling onder privégebruik ook het woon-werkverkeer wordt verstaan. Je mag deze zogenoemde ‘pseudo-eindheffing’ niet verhalen op de werknemer. Deze maatregel geldt alleen voor niet volledig emissievrije personenauto’s van de zaak en niet voor bestelauto’s. Naast de pseudo-eindheffing die je betaalt, moet je loonbelasting over de bijtelling inhouden op het loon van de werknemer.

Omdat ondernemers in de inkomstenbelasting niet onder de loonheffing vallen, krijgen zij niet te maken met de pseudo-eindheffing wanneer zij in een niet geheel emissievrije auto van de zaak rijden.

Overgangstermijn

Voor fossiele personenauto’s die vóór 2027 ter beschikking zijn gesteld, geldt een overgangstermijn tot 17 september 2030. Wil je dit jaar nog niet over op elektrisch rijden? Dan heb je nog een klein jaar de tijd om je fossiele wagenpark te vervangen om optimaal gebruik te maken van de overgangstermijn.

Vergoeden werkelijke ETK-kosten of 30%-regeling?

Werknemers die vanuit een ander land naar Nederland komen om te werken, krijgen vaak een vergoeding voor de extra kosten van verblijf buiten hun land van herkomst. Dit zijn de zogenoemde extraterritoriale kosten (ETK-kosten). Je kunt de werkelijke ETK-kosten vergoeden op declaratiebasis of op basis van de 30%-regeling. In het eerstgenoemde geval moet je de kosten aannemelijk maken. Je moet de kosten en de vergoeding per werknemer bijhouden. Bij toepassing van de 30%-regelin g mag je – onder voorwaarden – zonder bewijs maximaal 30% van het loon onbelast vergoeden. Je moet jaarlijks in het eerste loontijdvak van het kalenderjaar, waarin je de ETK-kosten vergoedt voor het hele kalenderjaar kiezen voor een van beide regelingen. Een uitzondering geldt voor de eerste vier maanden van het eerste jaar van de tewerkstelling.

Hoe werkt dit?

Stel dat de ingekomen werknemer per 1 maart 2026 bij je komt werken. Je doet binnen vier maanden de aanvraag voor de 30%-regeling. Je krijgt dan een 30%-beschikking van de Belastingdienst die terugwerkt tot 1 maart 2026. Tot 1 juli 2026 mag je dan per loontijdvak kiezen of je de ETK-kosten op declaratiebasis wilt vergoeden of op basis van de 30%-regeling. Vanaf de vijfde maand (juli) maak je een keuze voor de rest van het kalenderjaar. Vanaf 2027 kies je volgens de hoofdregel per kalenderjaar.

Eindheffing bestelauto van de zaak geïndexeerd

Stel je een (bestel)auto ter beschikking aan je werknemer, dan moet je rekening houden met een bijtelling voor privégebruik. Deze bijtelling kun je voor bepaalde bestelauto’s onder voorwaarden afkopen. Je betaalt dan een eindheffing per bestelauto per jaar. Deze eindheffing wordt jaarlijks geïndexeerd en bedraagt nu € 451 (in 2025: € 438) ofwel € 37,58 per maand.

Je mag deze eindheffing toepassen als de bestelauto vanwege de aard van de werkzaamheden doorlopend afwisselend wordt gebruikt door twee of meer werknemers en het daardoor moeilijk vast te stellen is of, en aan wie, de bestelauto voor privégebruik ter beschikking is gesteld.

RVU-regeling voortgezet en drempelvrijstelling verhoogd

Ben je van plan om werknemers vervroegd met pensioen te laten gaan met toekenning van een ontslagvergoeding? Dan betaal je in beginsel een strafheffing boven op de loonbelasting en premies die je moet inhouden en afdragen. Je kunt echter onder voorwaarden gebruikmaken van een vrijstelling van deze strafheffing. De vrijstelling is een drempelvrijstelling in de zogenoemde Regeling voor Vervroegde Uittreding (RVU). De RVU zou eind 2025 eindigen, maar dat is teruggedraaid. De regeling wordt toch voortgezet met een verhoogde drempelvrijstelling van maximaal € 2.357 (in 2025: € 2.273) bruto per maand. Om de RVU toegankelijker te maken voor werknemers met een laag inkomen of weinig aanvullend pensioen (in knellende situaties), kun je als werkgever boven op deze basis RVU-uitkering € 300 bruto per maand extra meegeven. De RVU-drempelvrijstelling wordt dan € 2.657. Cao-partijen moeten daar dan afspraken over maken wie van de RVU gebruik kan maken. De regeling geldt namelijk voortaan alleen voor mensen in fysiek of mentaal belastende beroepen. Over het extra bedrag betaal je als werkgever geen extra belasting.

Betaal jemeer dan de drempelvrijstelling, dan betaal je alleen over het hogere bedrag de strafheffing. De hoogte van de basis RVU-uitkering is gekoppeld aan de AOW-uitkering van de werknemer en omvat maximaal een periode van 36 maanden eindigend bij de AOW-leeftijd van de werknemer. Maakt de werknemer korter dan 36 maanden gebruik van de RVU-regeling? Dan mag het basismaandbedrag dus hoger zijn, zolang je maar binnen het totale budget blijft van 36 x het maandbedrag. Tot slot wordt de strafheffing stapsgewijs verhoogd: van 52% naar 57,7% in 2026, 64% in 2027 en 65% in 2028.

Let op

Voor werknemers die vóór het moment van invaren van de pensioenregeling (het omzetten van opgebouwde pensioenrechten naar het nieuwe pensioenstelsel) met RVU gaan (en daarmee dus uit dienst zijn) is er wellicht géén pensioencompensatie. Het is belangrijk dat je als werkgever de betreffende werknemer(s) hier actief op wijst.

Deadline nadert renseigneringsplicht betalingen aan derden

Je bent als werkgever verplicht om gegevens over betalingen aan derden te verstrekken aan de Belastingdienst. Uitgezonderd zijn betalingen aan werknemers, artiesten, beroepssporters, vrijwilligers en personen die een btw-factuur hebben uitgereikt. Gegevens over personen die facturen zonder btw uitreiken of geen facturen uitreiken of facturen met btw verlegd, moet je dus wél aanleveren. Je levert de volgende gegevens aan:

  • het BSN, de naam, het adres en de geboortedatum van de ontvanger van de betalingen;
  • de in het kalenderjaar uitbetaalde bedragen; en
  • de data waarop de betalingen zijn gedaan.

Ook kostenvergoedingen moet je vermelden. Deze gegevens en inlichtingen moet je jaarlijks uiterlijk verstrekken op 31 januari na afloop van het kalenderjaar, waarop de informatie betrekking heeft. De gegevens over de uitbetalingen aan derden over 2025 moet je dus uiterlijk 31 januari 2026 hebben aangeleverd. Dat kan digitaal via het gegevensportaal of via Digipoort.

Maximum transitievergoeding verhoogd

Het wettelijk maximum voor de transitievergoeding wordt jaarlijks bijgesteld. Het maximum is voor 2026 vastgesteld op € 102.000 (in 2025: € 98.000). Dat wil zeggen bruto € 102.000 of één bruto jaarsalaris als dat hoger is.

Loket subsidie arbeidsondersteunende hulpmiddelen open

Werken er in jouw bedrijf ook mensen met een langdurige arbeidsbeperking? Of wil je iemand met een arbeidsbeperking wel in dienst nemen, maar ontbreken de (financiële) middelen? Maak dan gebruik van de Subsidie Inclusiviteitstechnologie. Deze subsidie is bedoeld voor werkgevers in het mkb die investeren in technologie die mensen met een langdurige arbeidsbeperking ondersteunt tijdens hun werk of bij het vinden van werk. Je kunt subsidie krijgen tot 50% van je investeringskosten met een maximum van € 25.000 per bedrijf. Ook zijn de kosten voor advies en voor de implementatie van de technologie subsidiabel tot een bedrag van € 1.000. Het aanvraagloket voor het tweede tijdvak van deze subsidie is op 5 januari jl. opengegaan. Het loket is open tot en met 29 mei 2026, 17:00 uur.  

Verdubbeling beslistermijn WIA-beoordeling

Het UWV slaagt er al enige tijd niet in om binnen de gestelde beslistermijn van acht weken mensen die mogelijk arbeidsongeschikt zijn duidelijkheid te geven. Daarom is sinds 1 januari 2026 de beslistermijn voor WIA-beoordelingen en herbeoordelingen tijdelijk verlengd naar zestien weken. Mensen moeten daardoor dus langer wachten voordat zij weten of zij in aanmerking komen voor een uitkering. De verlenging zal pas vervallen, zodra de achterstanden bij de beoordelingen zijn verminderd en er meer verzekeringsartsen zijn.

De verlenging zal ertoe leiden dat het UWV minder dwangsommen zal hoeven te betalen vanwege overschrijding van de beslistermijn.

Wijziging uitzend-cao leidt tot hogere kosten

Werkgevers die veel gebruikmaken van de diensten van uitzendbureaus krijgen te maken met meer administratieve rompslomp en waarschijnlijk hogere kosten. Per 1 januari 2026 is namelijk de cao voor uitzendkrachten drastisch gewijzigd: de inlenersbeloning is afgeschaft en vervangen door een systeem van gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden. Uitzendkrachten moeten een arbeidsvoorwaardenpakket krijgen dat gelijkwaardig is aan dat van vaste werknemers in dezelfde functie bij de opdrachtgever. De beloning hoeft dus niet exact gelijk te zijn, maar de totale waarde van het arbeidsvoorwaardenpakket moet minimaal gelijkwaardig zijn aan dat van medewerkers in dienst van de opdrachtgever in eenzelfde of vergelijkbare functie. Ook wordt de pensioenopbouw versterkt, waardoor de pensioenpremie stijgt voor jou als werkgever. De reserveringssystematiek voor vakantie en verlof is vervallen, waardoor vakantiebijslag en feestdagen de regels van de inlener volgen.

Kostenstijgingen
De wijzigingen in de uitzend-cao maken de administratieve verwerking een stuk ingewikkelder voor inleners en uitzendbureaus, vooral bij het waarderen en toetsen van vergoedingen. Met name voor kleine uitzendbureaus is het verplicht moeten volgen van de verschillende cao’s en andere arbeidsvoorwaardelijke regelingen een behoorlijke verzwaring van de regeldruk. Dit werkt prijsverhogend. De kosten voor de inhuur van uitzendkrachten stijgen waarschijnlijk gemiddeld met 5% voor de normale uren. Voor toeslagen kan dit oplopen tot wel 17%, afhankelijk van de sector. Gespecialiseerde salarisverwerkers kunnen hier uitkomst bieden.

Op deze pagina is de stand van zaken in wet- en regelgeving verwerkt tot en met 1 januari 2026. Hoewel de uiterste zorg is nagestreefd ten aanzien van de inhoud, kan niet volledig worden ingestaan voor eventuele fouten en onvolledigheden. telt® sluit bij deze de aansprakelijkheid hiervoor uit. Voor een toelichting kun je altijd contact met ons opnemen.

Ontdek hoe je als belastingbetaler bespaart

Gepubliceerd op
20 januari 2026
Actueel
Fiscaal

Het verschil maken met deze aandachtspunten voor de dga

Gepubliceerd op
20 januari 2026
Actueel
Fiscaal

Plussen met fiscale adviezen voor de ondernemer

Gepubliceerd op
20 januari 2026
Actueel
Fiscaal