Actueel
Agro
Gepubliceerd op 30 juni 2022

Stikstofbeleid kan leiden tot 30% extra krimp veestapel

De nieuwste stikstofplannen moeten de uitstoot van ammoniak met tientallen procenten verminderen. Betekent dit een even grote krimp van de veestapel? Die kans bestaat, maar het hangt ook af van de ruimte voor technische maatregelen.

De stikstofbrief van minister Van der Wal heeft veel los gemaakt. Vooral de ingekleurde kaart van Nederland spreekt tot de verbeelding: emissiereducties voor ammoniak vanuit de landbouw variërend van bijna de helft in de veenweidegebieden tot 70% in een strook rondom gevoelige Natura 2000-gebieden, en zelfs 95% daarbinnen, dat liegt er niet om. Het lijkt voor de hand te liggen om dit te lezen als: even zoveel procenten minder vee en evenveel minder boeren. Maar klopt dat wel?

Niet per se. In de Kamerbrief van Van der Wal en in de bijgevoegde Startnotitie voor het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) gaat het consequent over reductie van emissies – in procenten en in kilotonnen, maar niet in percentages krimp van de veestapel. Dat kan ook niet, want in de zogeheten ‘gebiedsprocessen’ moet per regio duidelijk worden hoe die emissies en daarmee de depositie op de natuurgebieden verlaagd wordt. Door bedrijfsbeëindiging, -extensivering of -verplaatsing, maar ook door technische maatregelen.

Voor hoeveel boeren is er geen plek meer?

Wat is er dan wel te zeggen over de veestapel? En voor hoeveel boeren is er geen plek meer? In haar brief zegt minister Van der Wal heel eufemistisch dat er ‘niet voor alle boeren toekomst zal zijn’. Dit zei ze er afgelopen vrijdag over bij de persconferentie: “Krimp van de veestapel is geen doel op zich, maar zal onvermijdelijk het gevolg zijn van de gebiedsprocessen, daar wil ik eerlijk over zijn. Een doorrekening van het PBL laat zien dat het zo rond de 30% zal zijn, maar vraag mij niet of dat dan 26% of 32% zal zijn, dat is het gevolg van de gebiedsaanpak.”

Er zullen meer boeren blijven dan dat er stoppen

Haar landbouwcollega Henk Staghouwer bleef wel heel vaag over het aantal bedrijven waar geen toekomst voor is. “Er zullen meer boeren blijven dan dat er stoppen. Er zijn meer dan 50.000 boeren in Nederland, als je zegt dat 30% daarvan stopt, is de rekensom niet moeilijk, maar dat is te gemakkelijk gedacht.” Staghouwer stelt dat de emissies omlaag moeten, maar dat het aan ondernemers is om daar keuzes in te maken. Dat staat weliswaar een beetje op gespannen voet met het voornemen om zo nodig tot onteigening over te gaan, maar bevestigt wel dat er niet vanuit Den Haag wordt ingezet op een x-aantal minder veehouders.

Bij die gebiedsaanpak ligt een opdracht op tafel in de vorm van vermindering van de ammoniakemissie. De startnotitie noemt twee getallen:

  1. 12 kiloton via ‘generieke maatregelen’, dus maatregelen die alle boeren raken en de zogeheten ‘stikstofdeken’ verkleinen. De minister stelt dit gelijk aan 12% van de totale landbouwemissie.
  2. 39 kiloton via gebiedsplannen. Te verdelen over de provincies, en onderverdeeld in een opgave van x-ton per gebiedsplan. In dat laatste wordt de koppeling gemaakt met de depositie op de natuurgebieden.

Dit alles afgezet tegen de cijfers van 2018. Het is niet helemaal duidelijk of deze twee getallen bij elkaar opgeteld moeten worden om de totale ambitie voor de veehouderij in beeld te krijgen. Daarover is de startnotitie niet duidelijk.

De 30% krimp van de veestapel die Van der Wal noemt, komt uit een PBL-rapport van vorig najaar waarin twee beleidsvarianten zijn doorgerekend. Haar beleid lijkt het meest op variant A, met een mix van opkoop, extensivering en technische maatregelen. De melkveestapel zou in dit scenario het meest krimpen, met ruim een derde ten opzichte van 2019. De varkenshouderij zou boven op de 11% krimp die al gaande was vanwege al ingezet stikstofbeleid, nog eens 10% inleveren, en de pluimveehouderij ruim 20%, eveneens bovenop een forse krimp van een kwart die al ingezet was.

Al met al een ruwe schatting, op basis van een scenariostudie van vorig jaar, en niet van dit beleid. Veel slagen om de arm houden dus. Belangrijker is dit: krimp is geen doel op zich, het gaat om emissiereductie. In principe hebben lokale, vooral provinciale bestuurders, nog mogelijkheden om de krimp van de veestapel en het ‘ontboeren’ van gebieden te beperken.

Bron: boerderij.nl

Nieuw: rapportageverplichting woon-werkverkeer

Gepubliceerd op
9 juli 2024
Agro

Renteloze leningen tussen partners: wat u moet weten

Gepubliceerd op
8 juli 2024
Agro

Mogelijk salarisgrens voor opnemen concurrentiebeding

Gepubliceerd op
8 juli 2024
Agro