Prinsjesdag 2026 bracht voor ondernemers een breed pakket fiscale plannen. Van aftrekposten voor ondernemers die starten of stoppen tot extra voordeel voor energiebesparende investeringen. Ook op het gebied van reiskosten, btw en autobelastingen telt er het nodige mee. We zetten de belangrijkste plannen voor 2027 voor je op een rij, zodat je weet welke ontwikkelingen voor jouw onderneming relevant kunnen zijn.
Als het aan het kabinet ligt wordt de startersaftrek vanaf 2027 verlaagd van € 2.123 naar € 10 en per 1 januari 2028 afgeschaft. Een startende ondernemer kan de startersaftrek maximaal 3 jaar toepassen. Het is een extra aftrek van de winst bovenop de zelfstandigenaftrek (in 2027: € 900). Je bent een startende ondernemer als je in 1 of meer van de 5 voorafgaande kalenderjaren geen ondernemer was en je in die periode niet meer dan 2 keer zelfstandigenaftrek hebt toegepast. Je moet in al die jaren wel steeds aan het urencriterium en de overige voorwaarden voor de zelfstandigenaftrek voldoen. Dat wil zeggen dat je minimaal 1.225 uur aan activiteiten voor je onderneming moet hebben besteed. Daarnaast heb je aan het begin van het jaar de AOW-leeftijd nog niet bereikt en besteed je minimaal 50% van je totale arbeidstijd aan werkzaamheden voor je onderneming. Heb je aan het begin van het jaar de AOW-leeftijd wel bereikt, dan wordt de zelfstandigenaftrek gehalveerd.
Let op Ook de startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid wordt vanaf 1 januari 2029 afgeschaft. Daarnaast wordt per 1 januari 2028 de fiscale regeling willekeurige afschrijving starters afgeschaft.
Het kabinet wil de stakingsaftrek (in 2026: maximaal € 3.630) stapsgewijs afschaffen, maar met een tussenstap. De aftrek wordt eerst 3 jaar met 75% verlaagd tot € 908 en daarna geheel afgeschaft. Als je stopt met je onderneming en je daarbij winst realiseert, kun je onder voorwaarden de stakingsaftrek toepassen. Dit is een eenmalige aftrekpost van je stakingswinst.
Let op De stakingsaftrek geldt per ondernemer, niet per onderneming!
Ook de meewerkaftrek wil het kabinet-Jetten eerst versoberen door eerst 3 jaar een vermindering met 75% en daarna gehele afschaffing. Je komt voor de meewerkaftrek in aanmerking als je aan het urencriterium voldoet en je partner minimaal 525 uren per jaar meewerkt in je onderneming. Je partner ontvangt daarvoor geen vergoeding of een niet van de winst aftrekbare vergoeding van maximaal € 5.000. De meewerkaftrek bedraagt een percentage van de winst, afhankelijk van het aantal uren dat je partner meewerkt in je onderneming, variërend van 1,25% bij minimaal 525 uren en 4% bij 1.750 uren of meer.
Een van de maatregelen die het kabinet met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026 heeft getroffen om de gevolgen van de crisis in het Midden-Oosten te ondervangen is de structurele verhoging van het forfait voor aftrekbare reiskosten van € 0,23 naar € 0,25 voor ondernemers en resultaatgenieters. Door de opname in het Belastingplan 2027 heeft deze maatregel een wettelijke basis gekregen.
Doe je energiebesparende investeringen die op de Energielijst staan, dan kun je daar nu 40% energie-investeringsaftrek (EIA) voor krijgen. Dit percentage wordt op 1 januari 2027 verhoogd naar 45,5%. Investeren in energiebesparende bedrijfsmiddelen en duurzame energie levert volgend jaar dus meer aftrek op van je winst.
De voordelen uit een bosbedrijf zijn vrijgesteld van inkomsten- en vennootschapsbelasting. Bosbouwbedrijven maken in de praktijk weinig winst en maken daarom slechts beperkt gebruik van deze bosbouwvrijstelling. Het kabinet wil daarom deze vrijstelling per 1 januari 2029 afschaffen en stelt geen overgangsregeling voor. Wel zal er op termijn mogelijk een subsidieregeling ter vervanging komen.
Het kabinet stelt voor om per 1 januari 2028 het verlaagde tarief van 9% voor sierteelt af te schaffen. Sierteeltproducten worden vanaf dat moment belast tegen 21% btw. Sierteeltproducten zijn onder meer bloembollen, snijbloemen, kamer- en tuinplanten en boomkwekerijproducten, zoals kerstbomen. De tariefsverhoging betreft ook de import van deze producten. De maatregel raakt niet de export. Daarop is het btw-nultarief op van toepassing.
Ook het verlaagde btw-tarief op ballonvaarten moet als het aan het kabinet ligt per 1 januari 2028 worden afgeschaft. Vooruitbetalingen en vouchers in 2027 voor ballonvaarten in 2028 vallen ook onder het 21%-tarief. Voor het toepasselijke tarief wordt namelijk aangesloten bij het moment waarop de ballonvaart daadwerkelijk plaatsvindt.
De tarieven van de alcoholaccijns worden vanaf 2027 jaarlijks geïndexeerd. De tarieven worden nu nog niet geïndexeerd. Bij inflatie neemt daardoor de hoogte van het tarief relatief af. Door de tarieven van de alcoholaccijns jaarlijks te indexeren blijft de reële hoogte van de tarieven gelijk. Het minimumbedrag van de bieraccijns wordt niet geïndexeerd.
Daarnaast wordt de kleine brouwersregeling afgeschaft. Daarmee vervalt het verlaagde accijnstarief voor bier van kleine zelfstandige brouwerijen.
Sinds 1 juli 2026 tot 31 december 2026 is het tarief voor de motorrijtuigenbelasting (mrb) voor bestelauto’s van ondernemers gehalveerd. Het mrb-tarief voor vrachtauto’s is in die periode zelfs verlaagd naar nul. De maatregelen moesten nog een wettelijke basis krijgen. Daarom zijn deze met terugwerkende kracht tot 1 juli 2026 opgenomen in het Belastingplan 2027.
Sinds 1 september 2026 zijn de tarieven van de vrachtwagenheffing tijdelijk verlaagd met 22,3%. Dit in verband met de gestegen brandstofkosten als gevolg van de crisis in het Midden-Oosten. De verlaging duurt tot eind 2026 en geldt voor alle categorieën vrachtauto’s. Het gemiddelde tarief zakt hierdoor van € 0,191 naar € 0,148 per gereden kilometer. Ook deze verlaging moest nog een wettelijke basis krijgen. Daarom is dit nu met terugwerkende kracht tot 1 september 2026 opgenomen in het Belastingplan 2027.
Onder de huidige regelgeving zijn belastingplichtig voor de CO2-heffing in de gastuinbouw natuurlijke personen en rechtspersonen. Hierdoor wordt de indruk gewekt dat bij een personenvennootschap (zoals vennootschap onder firma of maatschap) de achterliggende firmanten of maten belastingplichtig zijn. Om deze indruk weg te nemen, wordt verduidelijkt wie belastingplichtig is voor CO2-heffing glastuinbouw. Voorgesteld wordt om expliciet aan te geven dat belastingplichtig is voor deze heffing eenieder die het glastuinbouwbedrijf drijft. Hierdoor zijn personenvennootschappen zelf belastingplichtig. De firmanten en maten zijn dan dus niet afzonderlijk belastingplichtig, waardoor er ook geen toerekening aan hen hoeft plaats te vinden.
Als de verplichte bijmenging met groen gas vanaf 1 januari 2027 in werking treedt, dan wordt het verlaagde energiebelastingtarief voor de glastuinbouw in 2027 verlaagd om de meerkosten van deze verplichting te compenseren.
Op deze pagina is de stand van zaken in wet- en regelgeving verwerkt tot en met 15 september 2026. Hoewel de uiterste zorg is nagestreefd ten aanzien van de inhoud, kan niet volledig worden ingestaan voor eventuele fouten en onvolledigheden. telt® sluit bij deze de aansprakelijkheid hiervoor uit. Voor een toelichting kun je altijd contact met ons opnemen.