Als werkgever krijg je te maken met uiteenlopende fiscale en personele regels. In deze actualiteiten voor het vierde kwartaal van 2026 lees je over de vergoeding van thuisladen, sinterklaasgeschenken, het voorkomen van werkstress en WW bij onwerkbaar weer. Met de juiste informatie kun je je goed voorbereiden en keuzes maken die passen bij jouw medewerkers en organisatie.
Wil je als werkgever een laadpaal bij de woning van de werknemer laten plaatsen of hiervoor een vergoeding geven? Dan moet je onderscheid maken tussen enerzijds een elektrische auto van de zaak, waarmee al dan niet meer of minder dan 500 km privé wordt gereden en anderzijds een privéauto van de werknemer. Dit onderscheid maak je ook ten aanzien van het vergoeden van de verbruikte elektriciteit voor de auto.
Vergoeden kosten laadpaal en elektra auto van de zaak Rijdt de werknemer meer dan 500 km privé met de elektrische auto van de zaak? Dan geldt de bijtelling privégebruik auto. In dat geval is de vergoeding of verstrekking verwerkt in de waarde van dat privégebruik. Je hoeft dan dus geen rekening te houden met een extra bedrag aan loon (in natura).
Rijdt de werknemer minder dan 500 km privé met de auto van de zaak, dan is de laadpaal bedoeld voor zakelijk gebruik. Ook dan is de vergoeding of de verstrekking van de laadpaal geen loon voor de werknemer.
Wil je ook een vergoeding geven voor de werkelijke elektriciteitskosten die de werknemer maakt voor de auto van de zaak? Ook dan is dit geen loon. Dit zijn intermediaire kosten die je daarom onbelast kunt vergoeden. In plaats van het vergoeden van de werkelijke kosten, kun je er ook voor kiezen om een onbelaste zakelijke afspraak met de werknemer te maken. Een afspraak is zakelijk als het tarief in combinatie met de duur van het contract marktconform is. Daarbij moet je kijken naar de energiemarkt op het moment van het maken van de afspraak. Een vaste onbelaste vergoeding per kWh is alleen mogelijk als je aannemelijk kunt maken dat de vergoeding gelijk is aan de integrale kostprijs die de werknemer is verschuldigd aan zijn/haar energiemaatschappij.
Privéauto werknemer Laat je een laadpaal bij de werknemer thuis plaatsen voor de eigen auto of vergoed je de kosten hiervan? Dan mag dit onbelast, zolang dit past binnen de onbelaste vergoeding van maximaal € 0,25 per kilometer. Vergoedingen of verstrekkingen die je naast € 0,25 per kilometer betaalt, zijn loon. Dit geldt ook voor de elektriciteit voor de auto en eventuele aanpassingen, zoals een extra groep in de meterkast en een meter om het verbruik te meten. Je kunt dit loon ook aanwijzen als eindheffingsloon ten laste van de vrije ruimte, mits aan de gebruikelijkheidseis is voldaan.
Wil je je personeel een cadeau of lekkernij schenken met Sinterklaas? In dat geval heb je twee opties. Je kunt de kosten (waarde in het economisch verkeer) als loon verlonen of als eindheffingsloon aanwijzen en ten laste van de vrije ruimte brengen. Als de attentie is aan te merken als een klein geschenk, wordt ervan uitgegaan dat dit geen loon is en kun je de attentie belastingvrij verstrekken. Aan deze kleinegeschenkenregeling zijn wel voorwaarden verbonden. Zo mag de factuurwaarde niet hoger zijn dan € 25, waarbij eventuele bezorgkosten niet meetellen als die kosten op de factuur zijn gespecificeerd, of apart zijn gefactureerd. Ook mag de attentie geen geld of waardebon zijn en moeten ook anderen in een dergelijke situatie een persoonlijke attentie geven.
Geen ‘klein geschenk’ Volgens de Belastingdienst is dit laatste bij een chocoladeletter niet het geval. De Belastingdienst vindt een chocoladeletter geen persoonlijke attentie en de verjaardag van Sinterklaas geen gelegenheid, waarbij anderen ook zo’n attentie zouden geven. Meerdere of alle werknemers krijgen immers een letter en je geeft deze niet voor een persoonlijke aangelegenheid van de werknemer. De chocoladeletter valt daarom niet onder de kleinegeschenkenregeling. Geef je je werknemers de chocoladeletter op de werkplek? Dan valt de letter onder een nihilwaardering.
Tip Heb je nog ongebruikte vrije ruimte in 2026? Dan is een sinterklaascadeau misschien een mooie gelegenheid om hiermee iets te doen.
Je medewerkers moeten veilig en gezond kunnen werken. Daarom is de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) er. Hierin staat onder meer dat je als werkgever een Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) moet uitvoeren. De RI&E brengt bekende onderwerpen in beeld, zoals fysieke belasting, persoonlijke beschermingsmiddelen en lawaai. Een onbekender onderdeel zijn de psychosociale arbeidsrisico’s; de psychosociale arbeidsbelasting genoemd ofwel werkstress. Hieronder vallen te hoge werkdruk, seksuele intimidatie, pesten, discriminatie en agressie en geweld. Deze factoren kunnen verzuim, uitval en lagere productiviteit van medewerkers veroorzaken. Als werkgever kun je maatregelen treffen tegen werkstress. Een aantal voorbeelden:
De Nederlandse Arbeidsinspectie gaat de komende jaren de RI&E en het onderdeel werkstress serieus controleren tijdens haar inspecties.
Na een extreem droge en warme zomer, kan zich ook de komende winter extreem weer voordoen. Kunnen je werknemers niet werken door slecht weer? Weet dan dat je in aanmerking kunt komen voor WW bij onwerkbaar weer. De uitkering bedraagt dan 75% van het loon. Als het onwerkbare weer langer duurt dan 2 maanden, wordt de WW-uitkering 70%. In de meeste cao’s staat dat de werkgever de uitkering aanvult tot 100%. Van onwerkbaar weer is sprake bij vorst, ijzel en sneeuwval of bijvoorbeeld als het extreem lang regent. De uitkering gaat in na een aantal wachtdagen. Tijdens deze dagen betaal je het loon van de werknemer door. Bij vorst, ijzel en gladheid zijn er 2 wachtdagen per winterseizoen (1 november tot en met 31 maart). Bij lange tijd regen zijn er 19 wachtdagen per kalenderjaar. Bij andere weersomstandigheden zijn er 2 wachtdagen per kalenderjaar.
Aanvraag Je dient je aanvraag volgens een vaste procedure in. Ten eerste moet je je elke dag dat het onwerkbaar weer is, op diezelfde dag vóór 10.00 uur melden in het werkgeversportaal bij het UWV. Je vult het aanvraagformulier in en laat dit controleren en ondertekenen door de werknemer die door het slechte weer niet kan werken. Daarna upload je het formulier via het werkgeversportaal. Je vraagt de WW-uitkering aan na afloop van de kalenderweek waarin niet kon worden gewerkt. Er mag maximaal een half jaar zitten tussen de melding van onwerkbaar weer en de WW-aanvraag. De uitkering wordt binnen 6 weken na de aanvraag uitbetaald.
Voorwaarden Aan de aanvraag zijn wel voorwaarden verbonden:
Op deze pagina is de stand van zaken in wet- en regelgeving verwerkt tot en met 6 oktober 2026. Hoewel de uiterste zorg is nagestreefd ten aanzien van de inhoud, kan niet volledig worden ingestaan voor eventuele fouten en onvolledigheden. telt® sluit bij deze de aansprakelijkheid hiervoor uit. Voor een toelichting kun je altijd contact met ons opnemen.